Blogmarathon (4): getto’s

Dit is aflevering 4 van de blogmarathon voor het Rode Kruis. Ook meedoen? Doneer minstens 10 euro en kies het onderwerp van een blogpost. Alles mag, als het maar geld oplevert. Lees meer in de introductie over hoe het werkt. De stand: 135 euro! We gaan goed, maar er kan nog meer bij. Om de boel nog wat aantrekkelijker te maken: als we de 200 halen voor het Rode Kruis, doneer ik zelf ook 200 euro aan Amnesty International, aan het eind van deze actie. Omdat ik vind dat de nood geledigd moet worden, maar de oplossing ligt in een wereld waar schurken niet aan de macht zijn.

Een goede vriendin doneerde 35 euro voor een blogpost over vriendschap. Deel 1 daarvan ging over Pjotr uit Oekraïne, deel 2 ging over Ben uit Israël. En dit is deel 3, over een gesprek aan een keukentafel, na een etentje in Amsterdam Nieuw-West, vlak voordat ik het land ging verlaten om een tijd te gaan wonen op een Mediterraan eiland hier ver vandaan (nou ja, zo ver hier vandaan als een Mediterraan eiland kan zijn, in ieder geval).

De setting: alles schoon op want het was lekker, ergens rond middernacht is de twaalfde fles wijn opengetrokken, iedereen heeft een mening over alles,  niemand wil naar huis want het is koud buiten, en het gesprek gaat over wat voor foute actie iemand nou weer heeft op z’n geweten heeft.

Deze keer ben ik diegene van de foute actie. Stelling: welke lesbo gaat er nou naar een achterlijk land verhuizen waar iedereen alleen maar souvlaki eet en trouwt op z’n 25ste? Kortom: waar je zo’n beetje the only gay in the village bent?

Degene die deze stelling het allerenthousiast verdedigde (zelf, zoals alle mensen aan tafel behalve ik, hartstikke hetero) betoogde dat hij zich zorgen maakte. Ik woonde toch nu in Amsterdam? Er is toch geen betere plek voor een lesbo om te zijn dan daar? Wat deed ik mezelf aan?

Met alle respect voor de mensen die die avond deze stelling verdedigden: dat is nou echt een flinke portie flauwekul. Als je gewoon niet zo avontuurlijk bent en liever thuis blijft: prima. Als je je ideale plek hebt gevonden op deze planeet met een leuke baan, echtgenoot, hond en kind, en je wil daar lekker blijven: geweldig. Niks meer aan doen. Koop er hooguit een huis met open haard en een fijn Boretti-fornuis met acht pitten en twee ovens bij, neem desnoods nog een paar extra kinderen of vrienden om die acht pitten te verantwoorden, en je zult mij niet horen. Sterker nog, dat zou ik zelf ook doen.

Maar ergens blijven omdat de buitenwereld zo bar en boos is, en minder verlicht is dan het centrum van de wereld (voor de provincialen: dat is dus Amsterdam. Wist u niet hè? Geeft niks, want u weet natuurlijk niet zoveel. Dat krijg je ervan, als je elke avond naar RTL4 kijkt. Amsterdammers, dat zijn pas wereldburgers. Vooral die Amsterdammers die vinden dat de provincie begint achter de A10.), daarom dus, dat is niet alleen flauwekul, ik vind dat gevaarlijk. Blijkbaar wil je geen mensen kennen die anders zijn dan jijzelf. Je wilt alleen maar mensen met dezelfde smaak in films en muziek, mensen die hetzelfde eten als jij, mensen met jouw politieke voorkeur, je wilt alleen stukken lezen die passen bij je wereldbeeld en vooral geen stukken die dat beeld bijstellen, je wilt een cocon van gelijkhebberij, je wilt een getto waarin je alleen maar jezelf tegenkomt.

Prachtig. Voor jou hebben we de PVV uitgevonden. Veel plezier met je soortgenoten.

Als je een tijdje ergens anders gaat wonen en werken, dan doe je dat natuurlijk niet alleen om hoogdravende motieven. Je doet dat omdat je je baan zat bent, en omdat je in een fase van je leven zit waarin niets je in de weg zit om ook daadwerkelijk te gaan, en misschien ook soms omdat er dingen zijn die je niet bevallen aan je huidige leven. Maar je gaat ook omdat je weleens wil weten hoe het eraan toegaat, daar op die plek die je nog niet kent.

Daar ga je, met je spullen en je koffer en je seksuele identiteit en je Hollandse betweterigheid en je voorliefde voor kroketten. Al die dingen gaan misschien problemen opleveren. Maar problemen worden door al die nare positiviteitsgoeroe’s niet voor niks ‘uitdagingen’ genoemd. Dat zijn ze namelijk ook. En, nog erger, het zijn ook (hou u vast, ik ga het echt zeggen) ‘leermomentjes’.

Die seksuele identiteit bleek geen groot probleem, alleen van mensen die ik toch al niet mocht, achter mijn rug om, en dat heb ik nooit zo’n probleem gevonden. Wel lastig voor mijn vrienden, soms.

Die betweterigheid en de neiging om altijd en overal een mening te verkondigen, die was wel af en toe een probleem. Het Midden-Oosten houdt van de gewoonte die ook in Overijssel de voorkeur heeft: als je het er niet mee eens bent, zeg je gewoon niks. Ik heb dat nog niet helemaal onder de knie. Gelukkig vonden ze me verder wel lief.

Die voorliefde voor kroketten? Tja. Ik heb ze maar gewoon zelf leren maken. Sommige geloven moet je gewoon heel fundamentalistisch blijven aanhangen, welke tegenstand je ook ontmoet en hoeveel exotische concurrentie ze ook krijgen.

Kortom: dit drieluik was een langdradig pleidooi voor vrienden met wie je niets gemeen hebt. En mensen die vinden dat je alleen vrienden moet zijn met mensen die op je lijken, moeten echt iets aan hun wereldbeeld doen. Bijvoorbeeld door eens buiten de A10 te gaan kijken.

Volgende keer: een vraag van Sanne, die wil weten: moet ze haar ongeboren dochter Thea noemen? Voorwaar, een belangrijke kwestie. Die bovendien 35 euro opleverde, dus nog belangrijker is geworden dan hij al was.

1 Comment

One Comment